In het jaarverslag over 2012 formuleerde het College van Bestuur de taakstelling, dat het buffervermogen van de stichting moest worden versterkt. Dat is in 2016 geen uitgangspunt geweest, aangezien het buffervermogen voldoende was.

Er werd voor 2016 een sluitende begroting vastgesteld. De realisatie was €532.000 positief en week daardoor sterk af. De belangrijkste afwijking werd gerealiseerd doordat er in 2016 een vrijval van de onderhoudsvoorziening plaatsvond ten gunste van de exploitatie van €528.788. Dit was mogelijk doordat de stand van de onderhoudsvoorziening in overeenstemming werd gebracht met de onderhoudsplanning voor de komende jaren. De terugvordering van OC&W betreffende de fusiegelden over de jaren 2015 en 2016 zijn in het eindresultaat opgenomen. Het CvB gaat tegen deze uitspraak in beroep. De uitkomst hiervan zal terug te vinden zijn in het Jaarverslag van 2017. Voor 2016 heeft het CvB een "in control statement" afgegeven. Over het jaar 2017 zal het CvB de accountant vragen om te onderzoeken of het afgeven van een "in control statement" echtvaardig is.